Voor spectaculaire watervallen hoef je niet naar de tropen. Europa barst van de kletterende watermassa’s: van ijskoude gletsjerrivieren in IJsland tot warme thermale baden in Italië.
Sommige zijn hoog, andere breed, en weer andere stromen dwars door een dorp. Hier zijn 10 watervallen die je absoluut gezien moet hebben.
10. Cascate del Mulino (Saturnia, Italië)
Midden in het Toscaanse landschap vind je deze droomplek. Het is geen gewone waterval: het water is lekker warm (37 graden) en zwavelhoudend.
Het water stroomt over travertijnse terrassen naar beneden en vormt natuurlijke baden waarin je heerlijk kunt relaxen. Het beste nieuws? Deze ‘Terme di Saturnia’ zijn volledig gratis toegankelijk. Ga wel vroeg, want het is een populaire plek.
9. Rijnwaterval (Schaffhausen, Zwitserland)
De Rheinfall is niet heel hoog (23 meter), maar wel enorm breed (150 meter). Het is een van de krachtigste watervallen van het Europese vasteland.
Vooral in de zomer, als de sneeuw in de Alpen smelt, dondert het water met grof geweld naar beneden. Voor de ultieme ervaring pak je een bootje naar de rots midden in de waterval. Je voelt de nevel en het gebulder overal om je heen.
8. Parc de Saint-Pons (Provence, Frankrijk)
Vlakbij Marseille, in het massief van Sainte-Baume, ligt dit sprookjesachtige park. Na een mooie wandeling door het bos kom je bij de waterval van de Fama.
Het water stroomt hier niet in één straal, maar sijpelt via duizenden stroompjes over felgroen mos de rivier in. Vlakbij ligt de ruïne van een 13e-eeuwse abdij. Let op: in hete zomers kan de waterval droogvallen, dus ga in het voor- of najaar.
7. Gullfoss (IJsland)
De ‘Gouden Waterval’ is het icoon van IJsland. Het water van de gletsjerrivier Hvítá stort hier in twee trappen meer dan 30 meter de diepte in.
Wat Gullfoss zo bijzonder maakt, is de kloof waar het water in verdwijnt. Als je aan komt lopen, lijkt de rivier plotseling van de aardbodem te verdwijnen. Op zonnige dagen zie je hier bijna altijd een regenboog in de nevel hangen.
6. Pliva Waterval (Jajce, Bosnië en Herzegovina)
Een waterval midden in het centrum van een stad? In Jajce kan het. De rivier de Pliva stort zich hier 20 meter naar beneden, precies waar hij samenkomt met de rivier de Vrbas.
Het plaatje is perfect: boven de waterval torent de oude citadel van Jajce uit. Een stukje verderop vind je de ‘Mlincici’, schattige middeleeuwse watermolentjes die op palen in het water staan.
5. Krka Nationaal Park (Kroatië)
De Plitvice-meren zijn beroemd, maar Krka is minstens zo mooi (en vaak iets rustiger). De bekendste waterval is de Skradinski Buk: een brede trap van maar liefst 17 watervallen achter elkaar.
Je wandelt er via houten vlonders dwars doorheen. Let op: Vroeger mocht je hier zwemmen, maar sinds 2021 is dit verboden om de kwetsbare natuur (travertijn) te beschermen. Kijken en genieten mag gelukkig nog wel!
4. Múlafossur (Gásadalur, Faeröer Eilanden)
Dit is misschien wel het meest afgelegen plekje in deze lijst. Op de Faeröer eilanden ligt het piepkleine dorpje Gásadalur, omringd door hoge bergen.
Aan de rand van het dorp stort de waterval Múlafossur direct vanaf de klif de Atlantische Oceaan in. Het contrast tussen de groene weides, de donkere rotsen en de blauwe zee is waanzinnig. Tot 2004 was dit dorp alleen te voet bereikbaar, nu ligt er een tunnel.
3. Dettifoss (IJsland)
Vergeet elegantie, hier draait het om pure kracht. Dettifoss in het noorden van IJsland is qua watervolume de krachtigste waterval van Europa.
Het water is grijs van het gletsjerslib en dondert met een oorverdovend lawaai 44 meter naar beneden de kloof in. Je voelt de grond trillen als je aan de rand staat. Dit is de natuur in zijn meest rauwe vorm. (Deze vervangt de ingestorte Bigar waterval in Roemenië).
2. Gljúfrabúi (IJsland)
Vlak naast de beroemde Seljalandsfoss ligt deze ‘verborgen’ parel. Gljúfrabúi (spreek dat maar eens uit!) zit verstopt in een kloof achter een rotswand.
Om hem te zien, moet je door een smalle spleet in de rotsen naar binnen waden (waterdichte schoenen zijn een must!). Eenmaal binnen sta je in een soort open grot waar het water van boven naar beneden klettert. Een magische, maar natte ervaring.
1. Langfossen (Noorwegen)
Noorwegen is het land van de watervallen, maar Langfossen is de koning. Met een totale hoogte van 612 meter stort het water zich langs de rotswand naar beneden in de Åkrafjord.
Het unieke is dat de hoofdweg (E134) er vlak langs loopt. Je hoeft dus niet te wandelen; je rijdt er gewoon langs (of onderdoor, als de wind verkeerd staat!). In tegenstelling tot veel andere Noorse watervallen wordt deze niet gebruikt voor waterkracht, waardoor hij het hele jaar door krachtig stroomt.
