Het Franse eiland Corsica ligt strategisch tussen Frankrijk en Italië, net boven Sardinië. Met zijn bergachtige binnenland en paradijselijke stranden wordt het niet voor niets ‘L’Île de Beauté’ (Eiland van de Schoonheid) genoemd.
Corsica is groen, ruig en ruikt heerlijk naar ‘maquis’ (het typische struikgewas). Naast de natuur geniet je er van karakteristieke wijnen en schapenkaas. Wil je eilandhoppen? De veerboot brengt je in slechts 50 minuten naar buureiland Sardinië.
10. Corte (Het hart van het eiland)
Centraal in de bergen ligt Corte, de enige universiteitsstad van het eiland en de voormalige hoofdstad. Dit is het échte Corsica, ver weg van de kustdrukte.
De stad wordt gedomineerd door een citadel bovenop een rots. Dwaal door de smalle steegjes, bezoek het Museum van Corsica of bekijk het standbeeld van vrijheidsstrijder Pasquale Paoli. Corte is bovendien de perfecte uitvalsbasis voor wandelaars: de groene valleien van de Restonica en Tavignano liggen om de hoek.
9. Palombaggia (Strand)
Vlakbij Porto Vecchio vind je Palombaggia. Denk aan wit zand, helderblauw water, groene pijnbomen en rode rotsen. Het staat regelmatig in lijstjes van de mooiste stranden van Europa.
Eerlijk is eerlijk: je bent hier niet alleen. Vooral in juli en augustus is het er enorm druk. Ga vroeg in de ochtend om een parkeerplek te bemachtigen en in alle rust van de magie te genieten.
8. Calvi (De tuin van Corsica)
In het noordwesten ligt Calvi prachtig in een halvemaanvormige baai. De stad bestaat uit twee delen: de gezellige haven met restaurants en de indrukwekkende citadel die hoog boven de stad uittorent.
De streek rondom Calvi, de Balagne, wordt ook wel ‘de tuin van Corsica’ genoemd vanwege de vruchtbare grond vol olijfbomen en fruit. Vanaf het strand heb je een waanzinnig uitzicht: palmbomen op de voorgrond en de (vaak besneeuwde) toppen van de Monte Cinto op de achtergrond.
7. Bastia (Stad)
Bastia is de belangrijkste havenstad in het noorden en voelt heel authentiek aan. Het hart van de stad is de oude haven (Vieux Port), waar het ’s avonds bruist van de gezelligheid.
Achter de haven vind je de grootste kerk van Corsica, de Johannes de Doperkerk. Wandel ook zeker even over het Place Saint-Nicolas, een enorm plein vol terrassen. Bij helder weer kun je vanaf Bastia de eilanden Elba en Capraia zien liggen.
6. Calanches de Piana (Natuurwonder)
Een van de mooiste wegen van Europa vind je aan de westkust, tussen Porto en het dorpje Piana. Hier liggen de Calanches de Piana: spectaculaire rotsformaties van rood graniet die recht uit de blauwe zee oprijzen.
Door wind en erosie hebben de rotsen bizarre vormen aangenomen. Je kunt er doorheen rijden, maar wandelen is nog mooier. Bezoek dit gebied bij voorkeur tijdens zonsondergang, wanneer de rode stenen bijna lijken te gloeien.
5. Bonifacio (Stad op de kliffen)
Bonifacio is misschien wel de meest fotogenieke stad van het eiland. De oude binnenstad balanceert gevaarlijk op witte kalkstenen kliffen van 80 meter hoog.
De middeleeuwse straatjes zijn een doolhof vol sfeer. Een letterlijk hoogtepunt is de ‘Trap van de Koning van Aragon’ (Escalier du Roi d’Aragon), die is uitgehouwen in de loodrechte rotswand. Beneden in de fjord-achtige haven vind je luxe jachten en gezellige brasserieën.
4. Ajaccio (Hoofdstad van Napoleon)
In de hoofdstad Ajaccio kun je niet om Napoleon Bonaparte heen. De Franse keizer werd hier in 1769 geboren. Je kunt zijn geboortehuis (Maison Bonaparte) bezoeken, dat nu een nationaal museum is.
Verder is Ajaccio een elegante stad met boulevards, palmbomen en een levendige dagmarkt. Vanaf de haven vertrekken boten naar alle uithoeken, waaronder de nabijgelegen Sanguinaires-eilanden.
3. Scandola Natuurreservaat
Dit natuurreservaat staat op de UNESCO Werelderfgoedlijst en is nagenoeg onbereikbaar over land. De beste manier om het te zien is per boot vanuit Porto of Calvi.
Het landschap is dramatisch: steile rode kliffen, grotten en kraakhelder water. Het is een paradijs voor vogels (zoals de visarend) en zeeleven. Voor duikers en snorkelaars wordt dit gezien als een van de mooiste plekken van de Middellandse Zee.
2. Saleccia (Verborgen strand)
In het onherbergzame noorden (de Désert des Agriates) ligt Saleccia. Een langgerekt wit zandstrand omringd door dennenbomen, zonder bebouwing of strandtenten.
Er komen is een avontuur op zich. Je hebt een stevige 4×4 nodig om het pad van 12 kilometer te trotseren, of je pakt de taxiboot vanuit Saint-Florent. Vergeet niet je eigen eten en drinken mee te nemen, want hier ben je echt één met de natuur.
1. Parc Naturel Régional & de GR20
Maar liefst 40% van het eiland is beschermd natuurgebied. Het ‘Parc Naturel Régional’ vormt de groene ruggengraat van Corsica. Hier vind je diepe kloven, bergmeren en wilde dieren.
Dwars door dit park loopt de GR20, bekend als de zwaarste wandelroute van Europa. Deze tocht van bijna 200 kilometer duurt voor de meeste wandelaars zo’n 15 dagen. Je slaapt in berghutten en bedwingt toppen zoals de Monte Cinto. Een ervaring voor het leven, maar alleen voor goed getrainde bergwandelaars!sica
